print versie

VN veroordelen blokkade tegen Cuba voor 14 e keer

New York, (RHC) 8 november

De resolutie waarin geëist wordt dat de blokkade tegen Cuba wordt opgeheven, werd nagenoeg met unanimiteit van stemmen aangenomen – 182 stemmen voor de opheffing, 4 tegen – door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

De resolutie, voorgesteld door ons land, werd met drie stemmen méér dan het afgelopen jaar gestemd. Enkel de Verenigde Staten, Israël, de Marshall Eilanden en Palau – 2 eilandjes van Micronesië die samen minder dan 10.000 inwoners tellen – hebben tegen deze tekst gestemd. Het is reeds voor de 14° maal op rij dat de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties over een dergelijke tekst stemt, en telkens werd de steun aan de resolutie verruimd.

De eerste resolutie werd aangenomen in 1992.

Vlak voordat de resolutie ter stemming werd voorgelegd, had Felipe Pérez Roque, Minister van Buitenlandse Zaken van Cuba, het volgende beklemtoond:

“Het is waar dat de Verenigde Staten de quasi-unanimiteit van de eis van de internationale gemeenschap naast zich neerleggen, en het is zeker dat President Bush de blokkade, die nu qua duur en qua wreedheid haar gelijke in de geschiedenis niet heeft, nog zal versterken.”

Onze Minister van Buitenlandse Zaken heeft de ware heksenjacht, die de jongste achttien maanden door de Bush–administratie werd ontketend, aan het licht gebracht. Het gaat om strafmaatregelen, niet enkel tegen ondernemingen die hun zetel in derde landen hebben en zakenrelaties met Cuba onderhouden, maar evenzeer tegen religieuze organisaties en burgers van de Verenigde Staten die Cuba bezoeken zonder toelating vanwege het Ministerie van Financiën.

“Sedert 6 mei 2004, datum waarop de President van de Verenigde Staten zijn nieuw annexatieplan ondertekend heeft (het zogenaamde Plan ter Ondersteuning aan een vrij Cuba, nvdr), kennen we een nooit eerder geziene stijging in het toepassen van agressieve maatregelen. Dit omvat o.a. de dreiging met militair geweld tegen Cuba, de vervolging van burgers en ondernemingen, niet enkel van Cubaanse origine, maar evenzeer met Amerikaanse nationaliteit, of andere.”

De Cubaanse Minister van Buitenlandse Zaken haalde verschillende voorbeelden aan:

“ Op 9 oktober 2004 heeft het State Department de oprichting aangekondigd van een groep die de Cubaanse activa moet vervolgen, dit in het kader van een agressiecampagne zonder voorgaande in de geschiedenis van de internationale handelsbetrekkingen. Gewoon al het feit dat dergelijke groep bestaat, is iets waarover de President van het machtigste land ter wereld, zich diep zou moeten schamen.”

Hij heeft onderstreept dat Cuba het énige Latijns-Amerikaanse land is dat niet één keer in 47 jaar enig krediet van de Wereldbank ontvangen heeft. Hij vestigt er de aandacht op dat:

“ Indien het bij de blokkade enkel en alleen zou gaan over een bilaterale kwestie tussen ons en de Verenigde Staten, zou dit reeds zeer erg zijn voor ons kleine landje, maar het gaat over veel meer dan dat. Het gaat over een economische oorlog, die met een nooit geziene heftigheid gevoerd wordt op wereldvlak. Bovendien is de blokkade de extra-territoriale toepassing van Amerikaanse wetten in de landen die jullie hier vertegenwoordigen.”

Felipe Pérez Roque legde de nadruk op het feit dat Cuba momenteel twee grote klippen moet omzeilen : enerzijds de versterking van de blokkade door de Bush–administratie, anderzijds de groeiende globalisering van de wereldeconomie. Hij lichtte ook toe dat de Verenigde Staten het overgrote deel van de transnationale ondernemingen controleren.

Onze Minister van buitenlandse Zaken herinnerde eraan dat de verliezen, teweeggebracht door de blokkade, reeds de 82 miljard dollar overschrijden.

Hij deed een dringende oproep rond de menselijke gevolgen van de heksenjacht waarvan de ondernemingen die handelsbetrekkingen hebben met Cuba, het doelwit zijn.

“Toen de Braziliaanse onderneming ORO ROJO opgekocht werd door een Noord-Amerikaans bedrijf, werd de verkoop van vlees en vleesconserven van deze firma aan Cuba geschrapt. Deze goederen waren bestemd voor de slachtoffers van AIDS, in het kader van een programma dat samen met het Wereldfonds voor de strijd tegen AIDS, malaria en tuberculose werd opgestart. Het ging niet over massavernietigingswapens. Het ging niet over drugs. Het ging niet over verboden producten.

De firma Hayro Corporation heef zijn handelsrelaties met Cuba stopgezet sedert ze gedwongen werd een boete te betalen van 168 000 dollar, dit omdat één van hun Europese filialen 2 soorten vaccins voor kinderen naar Cuba had geëxporteerd. Géén nucleaire wapens, geen gevechtsvliegtuigen maar wel vaccins voor kinderen.”

Voor de vertegenwoordigers van de internationale gemeenschap die deel uitmaken van de 60 e Algemene Vergadering van de Verenigde Naties, kloeg Felipe Pérez Roque ook het feit aan dat Noord-Amerikaanse bedrijven evenmin producten mogen invoeren als één van de componenten in Cuba vervaardigd is.

Hij kloeg eveneens de wet Torricelli aan, die verbod oplegt aan schepen die aangemeerd hebben in een Cubaanse haven, om gedurende de 6 volgende maanden het anker uit te werpen in een Noord-Amerikaanse haven. Hij wees daarnaast op de wet Helms-Burton, die sancties voorziet tegen buitenlandse bedrijven die in Cuba eigendommen gebruiken die genationaliseerd werden door de revolutionaire regering.

Na te hebben onderstreept dat de blokkade evenzeer de rechten van het Noord-Amerikaanse volk schendt, verduidelijkte Felipe Pérez Roque dit als volgt:

“Als Cuba hier het spreekgestoelte bestijgt, doet zij dit niet enkel om de rechten te verdedigen van het Cubaanse volk, maar evenzeer de rechten van het volk van de Verenigde Staten, voor wie wij sympathie, vriendschap en respect koesteren.

Wij doen dit eveneens om de rechten te verdedigen van de gehele internationale gemeenschap, die door deze unilaterale en onwettelijke politiek geschonden wordt.”

Op het einde van zijn uiteenzetting, haalde hij het voorbeeld aan van de 5 Cubaanse politieke gevangenen die in de Verenigde Staten in de gevangenis zitten, omdat zij de moed hadden door te dringen in de terroristische anti-Cubaanse organisaties van Miami. Hij benadrukte dat het met deze zelfde moed is dat Cuba tegen de blokkade zal blijven vechten. Hij riep de internationale gemeenschap op om de rechten van Cuba te verdedigen, die ook hun rechten zijn.

omhoog