print versie

Cuba zal belangrijke mensenrechtenakkoorden ondertekenen.

Aankondiging door buitenlandminister Felipe Pérez Roque

Deisy Francis Mexidor

Felipe Pérez Roque

Felipe Pérez Roque maakte – vanuit het Ministerie van Buitenlandse Zaken – aan de binnen- en buitenlandse pers bekend dat Cuba binnenkort de Internationale Verdragen inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten en die inzake Burgerlijke en Politieke Rechten zal ondertekenen.

“Dit is een politieke beslissing die zonder druk en in alle vrijheid en soevereiniteit door ons land genomen is”, zei Felipe. Het bericht komt er uitgerekend op 10 december, de Internationale Dag van de Mensenrechten. Dit jaar vieren we de 59ste verjaardag van de Verklaring van de Universele Mensenrechten door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties.

De Minister van Buitenlandse Zaken benadrukte dat de rechten uit de Verdragen die zullen ondertekend worden nu al sterk beschermd zijn door de Cubaanse wet. Hij zei ook dat de Verdragen ondertekend zullen worden in de komende maanden, meer bepaald in het eerste trimester van 2008. Het geeft uiting aan de wil van Cuba om nauw samen te werken met de instanties van de VN.

Hij vertelde dat dit vandaag mogelijk is dankzij het opheffen van het schandalige anti-Cubaanse mandaat van de speciale verslaggever en doordat er een einde gemaakt werd aan de manipulatie door de regering van de Verenigde Staten (die niet verkozen zijn in de nieuwe Mensenrechtenraad van de VN waardoor ze deze niet meer kunnen manipuleren, nvdr).

Pérez Roque bevestigde op die manier dat het eiland “nog nooit beslissingen heeft genomen onder druk en dit ook nooit zal doen”. De situatie is duidelijk veranderd na het oprichten van de Mensenrechtenraad van de VN, waar Cuba stichtend lid van is. Moest het thema opnieuw politiek gebruikt worden, dan zal Cuba zich opnieuw verplicht zien de strijd aan te vatten.

De minister riep n.a.v. deze speciale dag opnieuw op tot de afschaffing van de “brutale en onrechtvaardige blokkade die al 50 jaar bestaat”. Hij vroeg ook om de sluiting van het martelkamp dat de VS openhouden op Guantánamo. Bovendien vroeg hij dat de bezetting van dit gebied – “illegaal en tegen onze wil in” – ophoudt en dat dit stuk land, behorende tot het nationaal territorium van Cuba, teruggegeven wordt.

Hij vroeg ook de vrijheid van de Vijf antiterroristen die veroordeeld werden tot zeer strenge en onrechtvaardige straffen en opgesloten zitten in Noord-Amerikaanse gevangenissen. Hij verzocht de autoriteiten in Washington om visa te leveren aan Adriana Pérez O’Connor en aan Olga Salanueva Arango zodat ze een bezoek kunnen brengen aan hun echtgenoten, Gerardo Hernández Nordelo en René González Sehwerert respectievelijk.

Tezelfdertijd eiste hij dat Luis Posada Carriles berecht zou worden voor wat hij is: een terrorist. Of dat hij uitgeleverd wordt aan Venezuela.

De Minister van Buitenlandse Zaken prees ook publiekelijk de Cubaanse medische brigade, actief in Guatemala, die daar de Nationale Prijs voor de Rechten van de Mens mocht ontvangen.
Op dit moment zijn 37.000 Cubaanse gezondheidswerkers, waarvan meer dan 18.000 dokters, actief in 79 landen. Door dit solidariteitswerk werden o.a. al bijna een miljoen patiënten uit 32 landen gratis geopereerd aan de ogen, waardoor ze hun zicht terugkregen. Dit gebeurde in het kader van “Operatie Mirakel”. Volgens de gegevens die de minister bekendmaakte studeren er momenteel ook nog eens 30.000 studenten uit 121 landen gratis in Cuba. Sinds de revolutie hebben al meer dan 45.000 jongeren uit de derde wereld op die manier hun studies kunnen volbrengen.

Bron: Granma
Vertaling Jasper Rommel

omhoog