|
Miljoenen Cubanen vieren de internationale Dag van de Arbeid Erwin Carpentier Ondergetekende had het voorrecht om vorig jaar op het Plein van de Revolutie in Havana te staan en er honderdduizenden Cubanen te zien opstappen ter gelegenheid van de Dag van de Arbeid. Samen met honderden internationale gasten was ik getuige van de organisatiecapaciteiten en het revolutionaire enthousiasme van onze Cubaanse vrienden. Ik had er het gevoel dat 1 mei vieren in Havana je een revolutionaire energiestoot geeft. Ik las het verslag in het partijblad Granma (2 mei 2008) van de 1 meiviering van dit jaar dan ook met enige heimwee… Dit jaar viert men 50 jaar Revolutie en 70 jaar CTC, onder het ordewoord “Eenheid, standvastigheid en overwinning voor de Revolutie”. In heel Cuba kwamen weer miljoenen mensen op straat om hun steun te betuigen aan de revolutie en het socialisme. Leden van het politiek bureau van de Cubaanse Communistische Partij, de Staatraad en de Ministerraad waren aanwezig op de optochten in de verschillende steden. De eerste 1 meioptocht dateert van 1962, toen bijna 2 miljoen Cubanen uit heel het land in Havana gedurende 14 uren (!) opstapten. Een maand eerder hadden ze de huurlingen in Playa Girón verslagen. Havana verwelkomde dit jaar ook 1.386 gasten van 173 sociale en syndicale organisaties uit 61 landen. Raúl Castro stond er op de tribune, samen met o.a. Salvador Valdés Mesa, de secretaris-generaal van de vakbondskoepel CTC die traditioneel een toespraak houdt, waarna de honderduizenden betogers het Plein van de Revolutie en het monument van José Martí voorbijstappen.
In zijn toespraak verwees Valdés naar het succesvol afsluiten van het verkiezingsproces met de samenstelling van de zevende legislatuur van de Nationale Assemblee en de verkiezing van de Staatsraad onder leiding van Raúl Castro. Hij vertelde ook dat er bescheiden vooruitgang werd geboekt in de prioritaire sociale programma's, hoewel er nog veel werk op stapel staat. “ We staan voor belangrijke uitdagingen ”, zei hij, “ De eerste vloeit voort uit onze eigen tekorten, van wat we moeten doen om ons land te ontwikkelen in het belang van iedereen. We kennen de tekorten en zwakheden, en we hebben de richting vastgelegd die we willen uitgaan. Het is van fundamenteel belang om onze krachten te concentreren op de productie en de productiviteit, vooral op het vlak van voedsel. We moeten de kwaliteit van ons werk verhogen, in het bijzonder in de bouw en in de dienstverlening, het vervangen van de invoer en het verhogen van de uitvoer. De materiële en financiële middelen op een rationele manier aanwenden, zodat we kunnen besparen op energie en grondstoffen, de kosten kunnen terugdringen en de broodnodige economische efficiëntie kunnen bereiken. Alleen het creatieve werk van onze manuele en intellectuele werkers kan ons het materiële en spirituele welzijn opleveren dat we met recht nastreven. Het ordewoord luidt dan ook dat we onze plicht met discipline en organisatie moeten vervullen, stevig verenigd onder de leiding van de Partij. We moeten een hardnekkige strijd voeren tegen het gebrek aan discipline, de inbreuken op de regels en elk strafbaar en corrupt gedrag die de ethische en morele integriteit van onze collectieve arbeid onderuithalen.” In hetzelfde nummer van de Granma las ik trouwens een paar lezersbrieven die dat laatste illustreren. Zo klaagt een oud-leraar de praktijk aan van pas afgestudeerde leraars die na hun uren privéles tegen betaling geven, in plaats van ervoor te zorgen dat de leerlingen tijdens de normale uren de nodige lessen krijgen. Een andere lezer vertelt hoe hij een paar jaar geleden in een winkel een bed wou kopen en de verkopers hem aanboden dat bed thuis te leveren, met 30% korting en “met waarborg”, maar zonder ontvangbewijs… Of nog het verhaal van de straatverkopers die massaal kranten en tijdschriften opkopen en die dan tegen een meerprijs doorverkopen. Valdés verwees ook nog naar de internationale context: “We beleven ingewikkelde tijden die ons allemaal beïnvloeden. De galopperende stijging van de voedsel- en brandstofprijzen gaan gepaard met de gevolgen van de klimaatsverandering en honderden miljoenen mensen worden met de hongersnood bedreigd, bovenop de oorlogen en conflicten op alle werelddelen. Soms vergeten we hoe deze realiteit ons dagelijks bestaan bepaalt, met in ons geval ook nog de vijandige en geobsedeerde politiek op alle terreinen van het imperium tegen Cuba. Niemand zal ons intimideren of ons doen terugkrabbelen in onze hardnekkigheid om het socialisme op te bouwen. ” De vijf antiterroristen die nu al bijna tien jaar opgesloten zitten in VS-gevangenissen worden niet vergeten: “ Onze Vijf Helden vormen een voorbeeld van de onplooibare wil van ons volk om weerstand te bieden. Op deze 1 mei zenden we Gerardo, Antonio, Ramón, Fernando en René een boodschap van steun, aanmoediging en verbintenis .” Ten slotte zendt Valdés zijn broederlijke, proletarische en internationalistische groeten aan alle werkers en volkeren van de wereld die vechten voor een betere wereld en die Cuba steunen, om af te sluiten met de herbevestiging van hun “ vastberadenheid om voort te gaan op de weg die Fidel uittekende voor een socialisme met steeds meer rechtvaardigheid, menselijkheid en efficiëntie. ” Een boodschap die ongetwijfeld op bijval kan rekenen op de talloze bijeenkomsten in België en in de rest van de wereld.
|