New York Times (AP) — Gen. Sergio del Valle Jimenez, op het einde van de jaren '50 dokter bij het rebellenleger van Fidel Castro en opperbevelhebber tijdens de rakettencrisis in 1962, is dinsdag overleden.
In een kort artikel in de Granma, de krant van de Communistische Partij in Cuba, wordt geen doodsoorzaak vermeld en ook niet de leeftijd van Generaal del Valle, maar hij moet minstens in de 70 jaren oud geweest zijn. Verdere informatie over familieleden ontbreekt.
Halverwege de jaren '50 nam Generaal del Valle via een ondergrondse beweging in Havanna deel aan de revolutie van Mr. Castro tegen de dictator Fulgencio Batista. In 1957 vervoegde hij als dokter en soldaat het rebellenleger in Oost-Cuba tegen de troepen van Batista.
Na de vlucht van Batista en de machtsovername van de rebellen op 1 jan. 1959 bekleedde Generaal del Valle verschillende functies bij de Cubaanse Revolutionaire Strijdmacht.
Hij was opperbevelhebber van het leger toen in 1961 een troep van bannelingen met de steun van de Verenigde Staten Varkensbaai binnendrong en ook toen de Verenigde Staten een jaar later Sovjetraketten ontdekten op het eiland, waardoor de wereld op de rand van een kernoorlog kwam te staan. Uiteindelijk trokken de Sovjets hun raketten terug.

Generaal del Valle was in de late jaren '60 ook minister van Binnenlandse Zaken en van 1979 tot 1986 was hij minister van Volksgezondheid.

Bedenkingen van Fidel Castro

Ter ere van Sergio del Valle

Sergio had samen met mij het voorrecht om 46 jaar geleden op de ochtend van de 15de april in de commandopost te zijn op de rechteroever van de riviermonding van de Almendares, toen B-26 bommenwerpers van de Verenigde Staten met Cubaanse insignes en huurlingen als piloten de luchtmachtbasissen van Ciudad Libertad, San Antonio de los Baños en het burgervliegveld van Santiago de Cuba bombardeerden.

Het was een preventieve verrassingsaanval tegen deze donkere hoek van de wereld.

Met Sergio telefoneerde ik vanuit gelijk welk dorp nabij de Centrale Hoofdweg toen ik op 17 april op weg was naar Girón.

Midden in het gevecht dat onze infanterie en onze tanks leverden, liet hij me vanuit de commandopost weten dat de vijand het oosten van de hoofdstad aanviel. Het ging om een schijnaanval van de Verenigde Staten om het invasieleger van Girón, dat zij Varkensbaai noemen, te beschermen.

Samen met Camilo marcheerde jij, Sergio, met de Invasiecolonne naar Pinar del Río. Ik had toen nog niet geleerd dat men een oorlog wint als het leger van de vijand vernietigd is. Op dat ogenblik ging ik voort op de geschiedenis van Cuba en wist ik niet dat een Ayacucho op ons eiland onmogelijk was. Ik bracht de troepen van Camilo en van Che in gevaar, terwijl we met hen de val van de tirannie hadden kunnen versnellen.

Jij en ik ontmoetten elkaar ook in de commandopost toen we met de Oktobercrisis van 1962 aan de rand van een kernoorlog stonden.

We hebben uitzonderlijke tijden beleefd die zich met steeds meer dreiging voor de mensheid herhalen.

Uw lessen en uw voorbeeld zullen blijven voortleven.

Ik breng hulde aan uw nagedachtenis.

Fidel Castro Ruz

16 november 2007