|
Leven en idealen van een revolutionair Ernesto Che Guevara Antonio Guerrero Rodríguez
Eind 1950 krijgt hij de erkenning van professioneel verpleger. Hij oefent die job uit in sanatoria en hospitalen en op boten. Op zijn fiets, waar een motortje op geplaatst is, reist hij het noorden van Argentinië af. Hij wordt er geconfronteerd met de economische en sociale problemen in zijn land. Hij bekritiseert de aanpak van de overheid. Een jaar later, op 29 december 1951, wordt één van zijn grote dromen werkelijkheid. Samen met zijn vriend Alberto Granados vertrekt hij op reis doorheen het Zuid-Amerikaanse continent. Maar de moto waarmee ze reizen laat het afweten. Ze moeten werken als koopwaartransporteurs, veermannen, matrozen, politieagenten, artsen en zelfs als afwassers. Ze leren het gewone volk en zijn miserie kennen. Chili, Peru, Colombia en Venezuela laten diepe sporen achter op hun menselijke gevoeligheid. De realiteit van de volkeren van Amerika is verschrikkelijk. In augustus 1952 keert Ernesto terug naar Buenos Aires. Hij hervat zijn studies geneeskunde. Op zes maand tijd legt hij de 14 vakken af die hem toelaten de titel doctor in de geneeskunde te dragen. Hij kiest voor deze studierichting uit liefde voor de medemens en om zijn eigen aandoening de baas te kunnen.
In de Mexicaanse hoofdstad gaat hij werken als fotograaf en als sportjournalist. Hij doet ook aan medisch onderzoekswerk. Hij leert er Fidel Castro kennen. Samen met Fidel en een uitgebreide groep toekomstige guerrilleros komt hij echter in de gevangenis terecht.
Eens weer vrij blijft hij met de Cubanen verbonden. Vanaf nu gebeuren de voorbereidingen voor de bevrijdingsstrijd op Cuba clandestien. Ernesto, die de bijnaam ‘Che' krijgt, sluit zich aan als arts bij de guerrillagroep die, onder leiding van Fidel, op het jacht Granma richting Cuba vertrekt. Op 2 december 1956 gaan ze aan wal op de zuidoostkust van het eiland. De bedoeling is de revolutionaire strijd in gang te zetten vanuit de bergen van de Sierra Maestra. Al snel valt Che op als strijder. Hij neemt deel aan de belangrijkste acties gedurende de strijd tegen de tirannie van Fulgencio Batista. Eind april 1958 vertrekt Che vanuit El Jibaro in de Sierra Maestra aan het hoofd van Colonne nr. 8. Het is de bedoeling gebied te veroveren naar het centrum van het eiland toe. Na heel wat omzwermingen bereiken de guerrilleros onder leiding van Che de Sierra del Escambray in de toenmalige provincie Las Villas. Ze slaan er hun kamp op. Che leidt persoonlijk belangrijke gevechten en veldslagen – de belangrijkste was de veldslag om Santa Clara – die op een doorslaggevende manier bijdragen tot het militair debacle van de dictatuur. Op 1 januari 1959 volgt de overwinning van de revolutie. Dictator Batista ontvlucht het land in de vroege ochtend van die dag. Che krijgt van Fidel het bevel om zich onmiddellijk naar de hoofdstad te verplaatsen en de versterking van La Cabaña in te nemen. Op 3 januari, ‘s morgens vroeg, bereikt Colonne nr. 8 Havanna. De missie is volbracht. Vanaf dat ogenblik gaat Che zich concentreren op de versterking van de Revolutie. Hij krijgt verschillende verantwoordelijke posten in de regering, op militair en op economisch vlak. Hij is achtereenvolgens chef van het departement Opleiding van het Revolutionair Leger en chef van het departement Industrie van het Nationaal Instituut voor Landhervorming. In de loop van 1959 wordt hij benoemd tot voorzitter van de Nationale Bank van Cuba.
Gedurende heel deze periode neemt Che actief deel aan de beslissingen van de Revolutionaire Regering. Tijdens de huurlingenaanval in de Varkensbaai in april 1961 en bij de Oktobercrisis van 1962 heeft hij de militaire leiding in de provincie Pinar del Río. Che is de voorloper van het vrijwilligerswerk, dat vandaag is ingeburgerd bij de hele Cubaanse bevolking. Ondanks zijn vele verantwoordelijkheden schrijft Che artikels over diverse thema's in verschillende publicaties, naast een aantal boeken. Het zijn theoretische en historische werken van een ongeëvenaarde waarde. Zijn interventies en geschriften over economie, het proletarisch internationalisme, de vorming van de jeugd, de nieuwe mens en nog veel meer thema's verbonden met de opbouw van de socialistische maatschappij in Cuba, zijn diepgaand en alomvattend. In 1965 vraagt Che aan de leiding van de revolutie om hem te ontheffen van zijn verantwoordelijkheden in Cuba. Hij wenst de gewapende strijd in solidariteit met de volkeren weer op te nemen. Dit is trouwens in overeenstemming met een expliciet akkoord met Fidel, dat nog dateert uit hun periode in Mexico. Het is de hoogste vorm van het realiseren van Che's diepste internationalistische en anti-imperialistische overtuiging. In zijn afscheidsbrief legt hij het als volgt uit aan Fidel: andere regio's in de wereld doen beroep op zijn bescheiden bijdrage. In deze afscheidsbrief beschrijft Che zijn eerste ontmoeting met Fidel: “Er komen veel herinneringen in me op. Het zijn herinneringen aan het moment dat ik je leerde kennen in het huis van Maria Antonia, toen je me vroeg me bij jullie aan te sluiten. Herinneringen aan alle spanning verbonden aan de voorbereidingen. Op een dag kwamen ze langs om ons te vragen wie ze moesten verwittigen in geval van overlijden. De reële mogelijkheid van dat feit schokte ons allemaal. Daarna begrepen we dat het inderdaad zo was, in een (ware) revolutie overwin je of sterf je.” Die twee mannen, Fidel en Che, begrepen elkaar onmiddellijk. Op dat moment begon een vriendschap voor altijd, die alleen in vraag kan worden gesteld door wie niet weet wat rechtschapenheid en loyaliteit betekenen. Deze relatie zou zich ontwikkelen tot een prachtige geschiedenis met legendarische trekjes. Het was geen toevallige of oppervlakkige ontmoeting. Hun band was diepgaand, gebaseerd op zeer oude roots: de onzichtbare draden die de groten van de geschiedenis met elkaar verbinden, zoals José Martí al opmerkte. In april van dat jaar, 1965, komt Che aan in Congo, de vroegere Belgische kolonie. Hij neemt er mee de leiding op van een detachement Cubaanse internationalistische strijders. Samen met Congolese guerrilleros neemt hij deel aan verschillende gewapende acties. In november van datzelfde jaar trekken de Cubanen zich terug, op basis van een beslissing van de Congolese revolutionaire beweging. Een jaar later reist Che clandestien naar Bolivia. Samen met een kleine groep guerrilleros van Boliviaanse, Cubaanse en nog verschillende andere nationaliteiten, sticht hij het Nationaal Bevrijdingsleger van Bolivia. Hij komt persoonlijk tussen in de voorbereidingen, organisatie en ontwikkeling van de opstand. Hij leidt de guerrilla en neemt deel aan de belangrijkste gevechten.
Che kende de historische waarde die het voorbeeld van de zelfopoffering heeft in de strijd voor een hoger politiek, sociaal en moreel doel. Hij besloot zijn karakter te harden om het engagement op te nemen dat zich opdrong: de rechten van de armen van de hele wereld verdedigen. Hij was een voorbeeld van het streven van Bolívar en Martí naar de integratie van de Latijns-Amerikaanse landen. Zijn heldhaftige inzet en zijn grenzeloos engagement voor de mensheid zijn de belangrijkste kenmerken van Che. Op een heel eenvoudige manier schreef hij dit neer in een antwoord op een brief van een Marokkaanse bewonderaarster. Zij had hem geschreven dat ze misschien wel familie konden zijn. Hij antwoordde haar:”Ik weet eigenlijk niet goed uit welk deel van Spanje mijn familie afkomstig is. Ik denk niet dat we dichte familie zijn. Maar als u in staat bent tot verontwaardiging telkens een onrechtvaardigheid begaan wordt in de wereld, dan zijn we kameraden. En dat is belangrijker.” |