Wie zijn de “CUBAN FIVE”?

De Cuban Five zijn Gerardo Hernández Nordelo, Ramón Labañino Salazar, Rene González Sehwerert, Antonio Guerrero Rodríguez and Fernando González Llort. Drie van hen zijn geboren in Cuba en twee in de Verenigde Staten. Drie van hen vochten ooit als vrijwilligers in Angola tijdens de oorlog tegen de Apartheid.
Ze zitten op dit ogenblik opgesloten in de Verenigde Staten voor lange gevangenisstraffen.

Sinds 1959 is Cuba het doelwit voor bedreigingen, sancties, invasies, sabotage en gewelddadige aanvallen op het eigen grondgebied. Daarbij vielen al minstens 3.478 doden en 2.099 gewonden. Daarom moest Cuba een bijzondere beveiligingspolitiek ontwikkelen tegen terreuraanslagen en agressie van buitenuit.

In 1976 stierven 73 mensen door een bom aan boord van een Cubaans lijnvliegtuig. Het vliegtuig explodeerde in volle vlucht. Het brein achter deze aanval waren twee mannen van Cubaanse afkomst: Orlando Bosch and Luis Posada Carriles. Zij werkten ooit voor de CIA en leven nog steeds in Miami.

In het begin van de jaren 90, na de val van de Sovjet-Unie, trachtte Cuba het toerisme uit te bouwen. Snel daarna begonnen rechtse groepen bannelingen in Miami met een gewelddadige campagne. Ze richtten zich tegen hotels, toeristencentra, bussen, luchthavens en andere vakantiefaciliteiten, zodat buitenlanders niet meer naar het eiland zouden durven reizen. Zo ontplofte in 1997 een bom in de lobby van Hotel Copacabana in Havana. De bom doodde Fabio Di Celmo, een Italiaanse toerist. De Cubaanse overheid arresteerde Raul Ernesto Cruz Leon. Deze Salvadoriaan bekende dat een anti-Castro-groep in Miami hem duizenden dollars betaalde voor deze aanslag.

De FBI reageerde niet op de Cubaanse oproep om hiertegen iets te ondernemen. Daarom zond Cuba vijf mannen naar Miami om te infiltreren in de organisaties die verantwoordelijk waren voor deze gewelddaden. De bedoeling was informatie te verzamelen over de planning van gelijkaardige acties, zodat ze konden ontmanteld worden voor hun uitvoering. De vijf slaagden erin bewijzen te verzamelen over specifieke groepen en personen in Miami die deelnamen aan de agressie.

In 1998 zond Fidel Castro een persoonlijke boodschap naar Washington met een handgeschreven nota aan President Bill Clinton. Daarin vroeg hij de Verenigde Staten om de verantwoordelijken voor die misdaden tegen Cuba te vervolgen. In zijn brief aan Clinton zei Castro onder andere: “Als je het echt wil, kan jij deze nieuwe vorm van terrorisme stoppen. Dit terrorisme kan onmogelijk gestopt worden zonder de medewerking van de Verenigde Staten . . . Als het nu geen halt wordt toegeroepen, kan in de toekomst elk land het slachtoffer worden van dit nieuwe terrorisme.” Fidel Castro’s persoonlijke boodschapper was niemand minder dan Gabriel García Márquez, de Nobelprijswinnaar voor Literatuur. President Clinton was op dat ogenblik echter niet in de stad. Daarom gaf García Márquez de brief op 6 mei 1998 persoonlijk aan Mac McLarty, de topman van het Witte Huis.

Een maand na het bezoek van Garcia Marquez, vertrok een FBI team naar Havana om te praten over samenwerking om agressieve acties vanuit Miami stop te zetten. Cuba gaf de FBI 64 files met de resultaten van het onderzoek in 31 verschillende terroristische activiteiten en plannen tegen het eiland in de jaren 90. De Cubaanse overheid gaf informatie over operaties tegen Cuba, inclusief foto’s van gebruikte explosieven.

Cuba rekende erop dat de FBI de bedenkers van deze operaties zou arresteren. In plaats daarvan arresteerden die op 12 september 1998 de Cuban Five: juist die mannen die naar Miami gereisd waren om de activiteiten van de gewelddadige groepen te onderzoeken.

Na hun arrestatie verbleven De Vijf 17 maand in eenzame opsluiting. Het proces vond plaats in Miami en duurde 7 maand. Ze werden aangeklaagd voor 26 overtredingen tegen de federale wetten van de Verenigde Staten. 24 van die aanklachten waren relatief kleine en technische overtredingen, zoals het gebruik van een valse naam en het nalaten om zich als buitenlands agent te registreren.

Op 8 juni 2001werden de Cuban Five veroordeeld tot de maximale gevangenisstraffen. Gerardo Hernandez kreeg twee maal levenslang plus 15 jaar. Antonio Guerrero kreeg levenslang plus 10 jaar en Ramon Labañino kreeg levenslang plus 18 jaar. De twee anderen: Fernando Gonzalez and René Gonzalez, kregen respectievelijk 19 and 15 jaar.

Op 9 Augustus 2005 verwierp the 11th Circuit Court of Appeals in Atlanta de veroordelingen. Dit Hof van Beroep oordeelde dat Miami de Vijf geen fair proces had gegeven.

Exact een jaar later, op 9 augustus 2006 verwees deze rechtank negen aanklachten naar een panel van drie rechters.

Op 4 juni 2008, bevestigden deze 3 rechters de veroordelingen van Gerardo Hernandez en Rene Gonzalez, maar zij zonden de zaak van Ramon Labañino, Antonio Guerrero en Fernando Gonzalez terug naar Miami, om opnieuw beoordeeld te worden door dezelfde rechter die hen de eerste maal veroordeelde.

Op 30 januari 2009 tekende de verdediging beroep aan bij het Hoger Hof van Beroep. Dit beroep werd geweigerd op 15 juni 2009 zonder enige motivatie.

Op 13 oktober 2009, legde het districtsgerechtshof van Zuid-Florida een nieuwe straf op van 21 jaar en 10 maand aan Antonio Guerrero, die bij de eerste veroordeling levenslang plus 10 jaar kreeg.

Op 8 december 2009, legde districtsgerechtshof van Zuid-Florida een nieuwe straf van 17 jaar en negen maand op aan Fernando Gonzalez, die aanvankelijk 19 jaar kreeg en 30 jaar voor Ramón Labañino, die levenslang plus 18 jaar had gekregen.

Wereldwijd loopt een campagne voor de vrijheid van de Cuban Five.
In België is het Free-the-five-comité gevestigd te Brussel, Haachtsesteenweg 53, 1210 Brussel.
Contacteer ons via 02 209 23 63 of free-the-five@cubanismo.net